Komrij blogt zich jong

Van oude menschen, de dingen die voorbij gaan…

Is elke grijsaard niet een kind in zijn ouderdom, dat spelen moet, en de dingen die aan zijn netvlies voorbij trekken, wil onderzoeken? Voeg toe ervaring, belezenheid, een door de wol gescherpte pen, dat alles aan een eigenwillig man, die moeilijk huizen kan in de vinex-locaties van de moderne lectuur, die verlangt naar kastelen, voeg nog toe een druppeltje gif en een grote schep ironie, en we moeten melding maken van de geschreven zegeningen die plots over ons neerdalen.

Of het nieuws is weet ik niet, maar het is zeker een welkome verrassing: Gerrit Komrij is een weblog begonnen.

Of het emjambement voor mietjes is, ach ja wat valt daar mee te doen dan tijd en plaats te vergeten. Tenslotte trekt mode in mooie kleren voorbij om nabij het einde van de gang door de lichthoofdige massa, hebberig op pad naar het schijnsel van iets nieuws, vertrapt te worden. En dan hebben we het nog over mode.

Help! De Heideggerende wolkenridders zijn terug. Met zulke komieken hebben we geen Driek van Wissen meer nodig.

De meester is gelijk op dreef, “Komrij blogt zich jong” verder lezen

Taal en internet maakt geen internettaal

Tuurlijk is het internet een snelweg, maar wie snel wil reizen maakt zich ook licht. Op de techniekpagina geeft Maanziek.nl een overzicht van het jargon van internetgebruikers. De acroniemen van vandaag zijn natuurlijk morgen veranderd, maar toch geeft het een goed beeld van hoe taal zich ontwikkelt en aanpast aan nieuwe communicatietechnieken. Schrijftaal is anders dan spreektaal, het gebruik van officiële taal is een blijk van status en een goede opleiding, de internetter surft, snelt, leest en ziet, en kort in. Klinkers zijn geluid, en geluid is op het internet een teken van slechte smaak: overbodig en storend. FYI, ASAP & CU “Taal en internet maakt geen internettaal” verder lezen

zeg maar orpheus met een mond vol grind

Hoe vaak sta je niet met een open mond naar iets te kijken. Van bewondering of van ontzag, vergeten waar je bent en hoe je staat, opgenomen in de observatie, weerloos en krachteloos door de uitstralende pracht. Het basiliscusoog staart, de schoonheid fascineert, de indruk verwart de simpele geest met de slechte bedoeling, en kletterend storten de bloedige “zeg maar orpheus met een mond vol grind” verder lezen

De bal was uit!

Na de tenniswedstrijd laten we het leed verzachten door een biertje en een borrel. Onwennig aan tafel gezeten verplaatst de onenigheid zich naar een volstrekt ander gebied. Antieke twisten. Opnieuw een strijd, maar nu met woorden en óók nog over woorden.

Hoeveel gedichten van Sapfo hebben ongeschonden onze generatie bereikt?

Aanleiding is uiteraard het onlangs teruggevonden gedicht dat door de Samson van onze vaderlandse dichterij is onderzocht en aan Sapfo is toegeschreven.

Sapfo

Het zou mij en de jongens uit Groningen niets verbazen als die lovende Wiki-bijdrage van eigen makelij is, zo op een Engelse pagina. De aard van beide beestjes. Strijd hoort er bij.

Bij mij staat een pareltje van Sapfo, uitgegeven door Atheneum, in de kast. Achterop lees ik: Eén compleet gedicht, tien langere fragmenten, twintig korte fragmenten en verder stukjes bestaande uit slechts één regel of een woord. Meer is er niet, toch wel 45 pagina’s aan poëzie. Beroemd zijn door 1 gedicht en wat losse woorden, dat is jaloersmakend. Het tot voor kort enige complete gedicht van Sapfo “Ode aan Aphrodite”:

Ποικιλόθρον᾽ ὰθάνατ᾽ ᾽Αφροδιτα,
παῖ Δίοσ, δολόπλοκε, λίσσομαί σε
μή μ᾽ ἄσαισι μήτ᾽ ὀνίαισι δάμνα,
πότνια, θῦμον.

ἀλλά τυίδ᾽ ἔλθ᾽, αἴποτα κἀτέρωτα
τᾶσ ἔμασ αύδωσ αἴοισα πήλγι
ἔκλυεσ πάτροσ δὲ δόμον λίποισα
χρύσιον ἦλθεσ

ἄρμ᾽ ὐποζεύξαια, κάλοι δέ σ᾽ ἆγον
ὤκεεσ στροῦθοι περὶ γᾶσ μελαίνασ
πύκνα δινεῦντεσ πτέῤ ἀπ᾽ ὠράνω 
αἴθεροσ διὰ μέσσω.

αῖψα δ᾽ ἐχίκοντο, σὺ δ᾽, ὦ μάσαιρα
μειδιάσαισ᾽ ἀθάνατῳ προσώπῳ,
ἤρἐ ὄττι δηὖτε πέπονθα κὤττι
δἦγτε κάλημι

κὤττι μοι μάλιστα θέλω γένεσθαι
μαινόλᾳ θύμῳ, τίνα δηὖτε πείθω
μαῖσ ἄγην ἐσ σὰν φιλότατα τίσ τ, ὦ
Πσάπφ᾽, ἀδίκηει;

καὶ γάρ αἰ φεύγει, ταχέωσ διώξει,
αἰ δὲ δῶρα μὴ δέκετ ἀλλά δώσει,
αἰ δὲ μὴ φίλει ταχέωσ φιλήσει,
κωὐκ ἐθέλοισα.

ἔλθε μοι καὶ νῦν, χαλεπᾶν δὲ λῦσον
ἐκ μερίμναν ὄσσα δέ μοι τέλεσσαι
θῦμοσ ἰμμέρρει τέλεσον, σὐ δ᾽ αὔτα 
σύμμαχοσ ἔσσο.

De vertaling kan ik om diverse redenen niet bijvoegen. Ten eerste copyright en ten tweede: Maanziek.nl heeft een klassieke opleiding genoten, maar eerlijk toegegeven, dat is al wat langer geleden en ook voor mij is het nu chocola. Toch maar weer eens het stof van de boeken kloppen en de kennis op peil houden, denk je dan.

Sapfo geboren op Lesbos, schreef in het Lesbisch (jawel!), gebruikster van de saffische strofe, dichteres van liefde en verlangen, bekend om haar ontboezemingen en pregnante overpeinzingen. Wie wil zich daar niet in verdiepen? Overigens is het niet zeker of Sapfo haar gedichten zelf opgeschreven heeft. Gewoon was dat in die tijd niet. Wat bekend is komt uit de overlevering.

In de Middeleeuwen was Sapfo niet erg populair. Paus Gregorius VII schijnt in 1057 een openbare boekverbranding van werken van Sapfo georganiseerd te hebben. De dichteres van liefde en verlangen op de vuurstapel. Wie in godsnaam durft te beweren dat god een synoniem voor liefde is. Op de maan misschien, maar op aarde niet. Zelfs een ruziënde tennisser zit er dichter bij.